21-09-2011 - Antipestbeleid
Anti Pestbeleid R.K. Basisschool De Driemaster
November 2010
Anti Pestbeleid op de Driemaster.
In het document dat voor u ligt, beschrijft De Driemaster de wijze waarop zij omgaat met
pesten op school (punt 1 tot en met 4). U leest wat gedaan wordt om het pesten te
voorkomen. Maar ook, als het toch gebeurt, hoe het probleem wordt aangepakt. Onder punt
5 wordt kort aangestipt hoe sociaal-emotionele problemen in het algemeen worden
behandeld.
1. Uitgangspunten:
De school moet een veilige plaats zijn, waar alle kinderen zich op hun gemak voelen, zichzelf
durven zijn, zich geaccepteerd weten, vertrouwen in zichzelf en in anderen kunnen hebben.
Om de veiligheid te waarborgen zijn regels en structuur nodig.
Alle leerlingen worden met respect benaderd. Er wordt met de kinderen meegeleefd. Daarbij
gaat het niet alleen over zaken die met school te maken hebben maar ook om aandacht aan
zaken uit de privé sfeer die kinderen als belangrijk ervaren.
Het zelfvertrouwen wordt bevorderd door een realistische en bovenal positieve verwachting
bij de leerkrachten over de leerlingen. Deze verwachtingen zijn essentieel voor het welzijn,
de leermotivatie en de doorgaande ontwikkelingslijn van kinderen.
Alle kinderen krijgen de kans om zich op eigen niveau te ontwikkelen.
De leerkrachten moeten ervoor zorgen dat leerlingen goed geobserveerd worden, dat
problemen tijdig gesignaleerd worden en dat ze vervolgens adequaat handelen.
Bij het bestrijden van pesten wordt uitgegaan van de vijfsporen aanpak.
2. Pesten voorkomen
Om pesten te voorkomen, hanteert De Driemaster de onderstaande aanpak:
1. Er zijn schoolregels opgesteld.
2. Aan het begin van het schooljaar worden in alle groepen samen met de leerlingen op
een positief gestelde manier afspraken gemaakt.
3. Door goed klassenmanagement zorgen de leerkrachten ervoor dat de kinderen
genoeg uitdaging krijgen en voortdurend aan de gang kunnen zijn.
4. Alle leerlingen worden in het najaar van elk schooljaar door de leerkrachten
geobserveerd op hun sociaal-emotionele ontwikkeling. De leerlingen van 5 t/m 8
vullen een leerlingenlijst in. Alle signalen worden serieus geanalyseerd en besproken.
5. Leerkrachten onderhouden goed contact met de ouders.
6. De leerkrachten streven ernaar om een positieve controle op de groep te houden. In
de groepen 4 t/m 8 wordt het schooljaar gestart met Taakspel. In groep 3 wordt
Taakspel na kerstmis geïntroduceerd.
7. Aan het begin van elk schooljaar wordt extra aandacht besteed aan groepsvorming.
8. Wekelijks wordt één van de thema’s uit SEO (sociaal emotionele ontwikkeling)
prikkels behandeld.
9. Kinderen worden sociale vaardigheden aangeleerd.
10. Alle leerkrachten en leerlingen gebruiken de STOP-methode om duidelijk hun
grenzen aan te geven.
11. De ouders krijgen adviezen hoe om te gaan met pesten. De tekst staat op de
website van de school.
2.1. Sociale vaardigheden:
Goed met elkaar omgaan maakt de kans op pesten kleiner. De Driemaster werkt daarom
actief aan de sociale vaardigheden van de kinderen. Onderstaande vaardigheden worden
geoefend tijdens kringgesprekken of dramalessen. Er wordt in alle groepen aandacht aan
besteed.
· Presenteren
· Complimenten maken en ontvangen
· Groeten
· Luisteren
· Gevoelens benoemen en kenbaar maken
· Een gesprek aanknopen met vreemden
· Ontspannen
· Vragen stellen en beantwoorden
· Reageren op de juiste manier als je ergens last van hebt
· Samen spelen zonder ruzie te maken
· Samenwerken
· Omgaan met boosheid
· Tot overeenstemming komen
· Leren omgaan met teleurstellingen
· Inzicht in het schema: gebeurtenis, gedachte, gevoel, gedrag, gevoel
(vanaf groep 6)
2.2. De stopmethode:
Om pesten te voorkomen, wordt de STOP-methode gebruikt. Deze methode werkt als volgt.
Als iemand iets bij je doet of tegen je zegt wat je vervelend vindt, dan zeg je duidelijk STOP.
Luistert de ander ook na herhaling niet, dan ga je naar de leerkracht en zoek je samen naar
een oplossing. Een kind en een leerkracht kunnen met de STOP- methode duidelijk de grens
aangeven. Tot hier en niet verder. Kinderen krijgen de mogelijkheden om vaardigheden aan
te leren, om zelf problemen aan te pakken.
Daarnaast is het ook overduidelijk wanneer iemand in overtreding is, dus door een stop heen
gaat. Dit voorkomt een hoop heen en weer gepraat. STOP = STOP. De stopmethode is te
gebruiken als preventiemethode voor het pesten.
De hele methode gaat uit van een win-win-strategie en de vooronderstelling dat iedereen er
mag zijn. In zeer extreme gevallen waar een win-win-situatie onhaalbaar is, kiest de school
voor het gepeste kind.
3. Wat te doen als het toch gebeurt:
Wordt uw kind op school toch gepest, of voelt het zich niet lekker in de groep, meld dit dan in
de eerste plaats bij de groepsleerkracht. Wacht daarmee niet te lang. Komt u er met de
groepsleerkracht niet uit, neem dan contact op met de directie. In geval van pesten, past De
Driemaster de vijfsporen aanpak toe.
De leerkrachten besteden klassikaal aandacht aan het pesten als ze pestgedrag waarnemen
of als zij het idee hebben dat er sprake is van “onderhuids pesten”. e leerkrachten besteden
op een adequate manier aandacht aan kinderen die gepest worden en aan de pesters.
3.1 De Vijfsporen aanpak:
Bij het bestrijden van pesten wordt uitgegaan van de vijfsporenaanpak. Deze aanpak bestaat
uit de volgende stappen:
· Hulp bieden aan het kind dat gepest wordt;
Naar het kind luisteren en zijn/haar problemen serieus nemen.
Met het kind overleggen over mogelijke oplossingen
Samen met het kind werken aan oplossingen.
Zonodig zorgen dat het kind deskundige hulp krijgt.
· Steun bieden aan het kind dat zelf pest.
Met het kind bespreken wat pesten voor een ander betekent.
Het kind helpen om op een positieve manier relaties te onderhouden met andere
kinderen.
Het kind helpen om zich aan de regels en afspraken te houden.
Zonodig zorgen dat het kind deskundige hulp krijgt.
· De middengroep betrekken bij de oplossingen van het pestprobleem.
Met de kinderen praten over pesten en over hun eigen rol daarbij.
Met de kinderen overleggen over mogelijke oplossingen en wat ze zelf kunnen
bijdragen.
Samen met de kinderen werken aan oplossingen, waarbij ze zelf een actieve rol
spelen.
· De leerkrachten en overige medewerkers hulp bieden bij de aanpak.
Alle medewerkers op de school zijn geïnformeerd over de aanpak van pesten.
In samenwerking met de ouders het pestprobleem aanpakken.
Werken aan het tot stand brengen van een algemeen beleid van de school rond de
veiligheid en pesten.
· De ouders steunen.
Ouders die zich zorgen maken over pesten worden serieus genomen.
Informatie en advies geven over pesten en de manieren waarop pesten kan worden
aangepakt.
In samenwerking met de school het pestprobleem aanpakken.
Zonodig ouders doorverwijzen naar deskundige hulp.
4. Adviezen aan ouders:
Aan ouders van kinderen die pesten en kinderen die gepest worden, biedt de school de
volgende adviezen aan:
4.1 Adviezen aan ouders van pesters:
· Neem het probleem serieus
· Raak niet in paniek, elk kind loopt de kans om pester te worden
· Probeer achter de mogelijke oorzaak van het pesten te komen
· Maak het kind gevoelig voor wat het anderen aandoet.
· Besteed aandacht aan je kind.
· Stimuleer je kind tot het beoefenen van een sport.
4.2 Adviezen aan ouders van gepeste kinderen
· Als pesten niet op school gebeurt, maar op straat, kun je de ouders van de pester
opbellen en voorzichtig vragen er met hun kind over te praten. Gebruik daarbij als
argument dat elk kind op straat veilig moet kunnen zijn. Niemand zal dat ontkennen.
· Pesten op school kun je het beste direct met de leerkracht bespreken.
· Als je kind al lange tijd is gepest, vraagt dat om een uitgebreide aanpak. Neem
contact op met de leerkracht, ga bij de school kijken, lees boeken en bekijk samen
met je kind videobanden over pesten.
· Als je er van je kind met niemand over mag praten, steun dan je kind, geef
achtergrondinformatie en maak je kind duidelijk dat de school het voorzichtig zal
aanpakken.
· Voordat je dit belooft, is het raadzaam de school te vragen of ze dit probleem ook
daadwerkelijk voorzichtig aanpakt.
· Ga op school zelf geen gesprek aan met de pester.
· Beloon je kind en help het zijn zelfrespect terug te krijgen.
· Stimuleer je kind tot het beoefenen van een sport, zodat hij in een spel of motorische
vaardigheid kan uitblinken.
· Wordt je kind op de sportclub gepest door leeftijd- of klasgenoten, vraag dan de
leiding aandacht te besteden aan het pesten en met de kinderen te bespreken dat
ieder kind op de club veilig mag zijn.
· Houd de communicatie open, blijf dus in gesprek met je kind. Doe dat niet op een
negatieve manier, maar geef adviezen om aan het pesten een einde te maken. Een
negatieve manier van vragen is bijvoorbeeld: “Wat is er vandaag weer voor ergs
gebeurd?”
· Steun het kind in het idee dat er een einde aan komt.
· Laat het kind opschrijven wat het heeft meegemaakt. Dit kan best emotionele reacties
bij je kind oproepen. Op zich is dat niet erg, als het maar geholpen wordt om de
emoties te uiten en te verwerken.
· Laat je kind deelnemen aan een sociale vaardigheidstraining.
· Beijver je ervoor dat de school sociale vaardigheid leert aan alle leerlingen
· Accepteer de situatie niet. Als de school niet wil meewerken, schakel dan de
vertrouwenspersoon van de school in om aan de ongezonde situatie van je kind een
einde te maken.
4.3 Adviezen aan alle ouders.
· Neem het probleem serieus; het kan ook jouw kind overkomen.
· Neem de ouders van het gepeste kind serieus.
· Maak het tot een gemeenschappelijk probleem.
· Vraag om toezicht op het schoolplein.
· Praat met je kind over school, over de relaties in de klas, over wat leerkrachten doen,
hoe zij straffen. Vraag hen ook af en toe of er in de klas wordt gepest.
· Geef af en toe informatie over pesten aan de leerkracht: wie doen het, wat doen zij
en waarom?
· Corrigeer je kind als het voortdurend anderen buitensluit.
· Geef zelf het goede voorbeeld
· Leer je kind voor anderen op te komen.
· Zet de computer op een zichtbare plaats en volg het internetgedrag van je kind.
· Leer je kind nooit namen, telefoonnummers en adressen op internet achter te laten.
· Doe in het uiterste geval aangifte bij de politie.
5. Sociaal emotionele vorming algemeen
Pesten is een sociaal-emotioneel probleem. Kinderen kunnen ook last hebben van andere
sociaal emotionele belemmeringen, zoals bijvoorbeeld gebrek aan zelfvertrouwen of
verlegenheid. Is dit bij een leerling het geval, dan werkt de Driemaster op onderstaande wijze
aan een oplossing:
· Er wordt een handelingsplan opgesteld en uitgevoerd. Een handelingsplan wordt
altijd met de ouders besproken. Indien noodzakelijk wordt intern nader onderzoek
naar de sociaal emotionele ontwikkeling gedaan.
· Indien nodig worden kinderen verwezen naar een sociale vaardigheid training,
weerbaarheidtraining of psychomotorische training.
· Indien de problematiek aanhoudt worden kinderen verwezen naar externe instanties
voor nader onderzoek ( BJZ, de Praktijk en GGZ of andere instanties met specifieke
deskundigheid).
· Bij pestgedrag wordt gehandeld volgens de curatieve aanpak als de preventieve
aanpak onvoldoende resultaat oplevert.
Gepost door: antipestbeleid op 21-09-2011 om 13:58
|